Dit zijn de meest gebruikte dekvloeren in de hedendaagse woningen en kunnen uit 2 verschillende soorten materialen gemaakt zijn, nl cementgebonden of anhydrietgebonden. Vroeger werden ook nog nagelbare dekvloeren (cement met kurk) geplaatst maar dit is voor de huidige parketopbouw niet meer nodig.
Op deze ondervloeren kan men een parketvloer lijmen (al dan niet met een onderparket), zwevend plaatsen, of als de dikte het toelaat kan men door middel van een balkenlaag er een parket op nagelen. Het meest toegepast is de verlijming van massieve parket of de zwevende plaatsing van legklaar parket of laminaat.
Hoewel de meeste chapes een tijdje (2 tot 4 maand, en uitzonderlijk 8 maand) na de plaatsing moeten drogen voordat het parket kan geplaatst worden, bestaat er ook sneldrogende chape die na 3 tot 8 dagen droog is. Deze zijn evenwel duurder dan een gewone chape maar kan omwille van de tijdswinst uiteindelijk ook goedkoper uitkomen (sneller te gebruiken en geen huur van bouwdrogers)
Om te weten hoe lang uw chape kan drogen wordt soms de volgende vuistregel toegepast: 1cm dikte van de chape = 1 week drogen. (alhoewel dit in de praktijk eerder het minimum is dat de chape zal moeten drogen).
Dit is de bodemplaat van uw woning die in de meeste gevallen niet egaal is geplaatst. In de meeste gevallen kan men hierop niet rechtstreeks een parket gaan plaatsen. Men moet meestal bovenop deze betonvloer een chape of een balkenlaag gaan plaatsen, waarop de parketvloer dan wordt bevestigd
Bij renovatie van uw woning kan men in sommige gevallen het parket op een bestaande tegelvloer gaan plaatsen. Uiteraard moet men hier altijd rekening houden met de droogte, vlakheid en hechtingskracht van deze ondervloer.
Voor renovatie van deze vloer kunnen er verschillende werken gebeuren die de plaatsing van een parket mogelijk maken. Gezien de diversiteit van producten en moeilijkheidsgraad van deze materie is een vakkundige opinie noodzakelijk. Gelieve ons hiervoor te contacteren.
Indien de ondervloer bestaat uit een balkenlaag kan hierop enkel een dragende parket geplaatst worden. Hiervoor moet de dikte van het parket of plankenvloer minimaal 20mm hout zijn, en minimaal 2 zijden maar best 4 zijdig tand en groef met elkaar verbonden worden. Deze kan opgebouwd zijn uit
De ondergrond moet aan verschillende eisen voldoen vooraleer er met de plaatsing van het parket kan begonnen worden. De belangrijkste factoren zijn:
Bij plaatsing van een parketvloer hetzij rechtstreeks of onrechtstreeks, is er steeds een maximale vochtigheidsgraad van de ondervloer vereist. Deze wordt onder meer bepaald door de gebruikte materialen en types van ondervloeren.
De vochtigheidsgraad moet dus altijd gemeten worden, en dit best met een calcium-carbide toestel. Elektronische toestellen geven enkel een aanduiding maar geven geen zekerheid.
Als men een nieuwe ondervloer laat plaatsen, heeft deze een bepaalde tijd nodig om uit te drogen. Deze tijd is afhankelijk van:
De oppervlaktecohesie van de vloer is belangrijk bij hechtend parket. Zowel de bovenlaag als de onderliggende lagen moeten een goede hechting vormen. Ook moeten de lagen op zichzelf een goede samenhang hebben. Een chape met een harde toplaag van 1mm waaronder de rest van de chape is verzand kan niet aanvaard worden als ondervloer voor een hechtende parketvloer
Er bestaan geen vaste waarden maar algemeen wordt aangenomen dat een minimale cohesie van 0.5N/mm2 wenselijk is. Dit is gelijklopend met de druksterkte aan de bovenlaag waardoor men bij een goede stabiliteit een goede cohesie verwacht
De stabiliteit van de ondergrond betekent dat de ondervloer een voldoende mechanische sterkte bezit en onder invloed van een blijvende gebruikersbelasting geen overmatige doorbuiging vertoont (dit valt buiten de bevoegdheid van de parketteur)
Indien de ondervloer aan een bepaalde druksterkte voldoet zal deze aanvaard worden. De druksterkte wordt gemeten met een dekvloertester (ponstestweerstandsmeter)
Hout is een thermisch isolerend materiaal welke dus de warmtetransport van de ondervloer naar de ruimte zal vertragen. Ondanks deze isolerende eigenschap van hout is deze onvoldoende om de volledige opbouw van de vloer te isoleren (volgens thermische reglementeringen). De werkelijke thermische isolatie dient dus in de ondergrond voorzien te worden (vb: tussen balkenlagen een extra isolatie tussen de ribben, onder de chape een extra isolatiechape, enz...)
Bij het plaatsen van een parket zal men bij het ontwerp en keuze van de vloeropbouw ook rekening moeten houden met de akoestische eigenschappen van de ondergrond en het parket om de bewoners een goed akoestisch comfort te geven.
De bewoner kan zelf beslissen welke isolerende eigenschappen een vloer moet bezitten afhankelijk van de bestemming van de te bekleden ruimtes. Een belangrijk onderscheid dient wel gemaakt te worden tussen
Geluid kan op verschillende manieren geproduceerd worden, waardoor er op verschillende manieren moet op ingegrepen worden. De belangrijkste oorzaken zijn:
Beide oorzaken kunnen gedeeltelijk geïsoleerd worden door de goede plaatsing van het parket, mits eventuele aanpassing van de ondervloer. W&A parket zorgt ervoor dat de juiste isolatie wordt gebruikt volgens uw normen.
Het binnenklimaat van de te bekleden ruimte dient aan bepaalde eisen te voldoen. Indien deze richtlijnen gevolgd worden (voor, tijdens en na de plaatsing) kunnen geen omgevingsfactoren invloed hebben op een goed geplaatst parket.
Een parketvloer kan pas gelegd worden als aan de volgende eisen is voldaan (voor en tijdens de plaatsing):
Parketvloeren, plankenvloeren en houten vloerbedekkingen zijn harde vloerbedekkingen voor binnentoepassing die bestaan uit houten vloerdelen in massieve vorm of samengestelde vorm op basis van hout. Een parketvloer is massief als de houten slijtlaag groter is dan 2.5mm. kleiner dan deze spreken wij van fineerhout. Indien de toplaag niet uit hout bestaat spreken wij niet over parket (vb laminaat).
Parketvloeren en houten vloerbedekkingen die uitgevoerd zijn volgens de voorlichting van het WTCB voldoen aan de Europese Bouwproductierichtlijn (richtlijn CPD EC 89/106). Alle aannemingen van W&A Parket worden volgens deze richtlijnen uitgevoerd en dit voor wat betreft:
Het onderscheid tussen parketvloeren en houten vloerbedekkingen wordt gemaakt op basis van Europese normaliseringdocumenten. Hierin vindt men dat bij en normaal gebruik en onderhoud van een parketvloer, men uit gaat van 2 tot 3 renovaties tijdens een normale levenscyclus. Daarom zegt men dat een parketvloer een minimale massieve houten slijtlaag moet hebben van 2.5mm om een leven lang mee te gaan.
Is de toplaag minder dan 2.5mm dan spreekt men van houten vloerbedekking (ook fineerhout)
Vloerbedekkingen waarvan de slijtlaag niet uit hout bestaat, terwijl de onderlagen eventueel wel uit houtachtige materialen bestaan (vb vezelplaat) zijn bijvoorbeeld de laminaatvloeren (ook wel verkeerdelijk gestratifieerd of gelamineerd parket genoemd), de benaming laminaat"parket" is dus verwarrend en onjuist
Dit zijn parketvloeren waarvan de planken of elementen uit één laag hout bestaan en waarbij de slijtlaag minimaal 6mm bedraagt bij het ogenblik van de plaatsing
Hiertoe behoren o.a.: plankenvloeren, mozaïekparket, parketvloer met tand en groef, lamparket (of traditionele parket), kopshouten vloeren.
Dit zijn parketvloeren waarvan de stroken opgebouwd zijn uit 2 of meerdere houten of houtachtige materialen, met een minimale slijtlaag van 2.2mm op het ogenblik van de plaatsing. Deze versie kan bestaan in voorafgewerkt of afgewerkt parket
Hieronder verstaat men meestal de fineerparket met een toplaag van +-1mm en een onderlaag van MDF of vezelplaat. Deze vloeren worden hoofdzakelijk afgewerkt vanuit de fabriek met een vernislaag. Deze afwerkingslaag zal de kwaliteit van de vloer bepalen.
Dit zijn massieve houten vloeren bestaande uit planken, voorzien van tand en groef (2 of 4-zijdig). De planken hebben een dikte van 18 tot 40mm en variabele of vaste lengtes en breedtes. Deze kunnen op een balkenlaag genageld worden of verlijmd worden op de ondergrond. Alhoewel het eerder af te raden is wordt deze vloer ook wel zwevend gelegd.
De meeste types worden brut geplaatst en dienen nog geschuurd en afgewerkt te worden.
Een plankenvloer (nl planchi) werd vroeger vaak als ondervloer gebruikt voor parketvloer omdat er nog geen multiplexen bestonden, waardoor deze elkaar stabiliseerde. De meest gebruikte houtsoorten bij planchi vloeren zijn: grenen, vuren, lariks, pitch-pine, enz (kortom alle naaldhoutsoorten)
In afwachting van het verschijnen van een Europese norm kunnen er geen specifieke eisen gesteld worden m.b.t. het uitzicht (vb: kwasten, barsten, krimp, enz...)
Door het gebrek aan deze vaste criteria kan men soms geen onderscheid maken tussen een plankenvloer en parketvloer, alhoewel deze verschillen groot zijn op gebied van kwaliteit.
De massieve mozaïek parketvloeren zijn opgebouwd uit lamellen van 6 tot 10mm dik (meestal 8mm) en worden volgens een bepaald motief gerangschikt. Het meest bekende hierin is het dambord. Deze kleine lamellen worden samengevoegd tot panelen en samengehouden aan de onderzijde door middel van nylonnetjes of papier. Deze wordt steeds vol verlijmd op de ondervloer, en ter plaatse geschuurd en afgewerkt. Bij meerlagen mozaïekparketvloer worden de lamellen op een drager (vezelplaat of MDF) bevestigd, met tand en groef voorzien en afgewerkt vanuit de fabriek. Dit is dus ook een meerlagig parketvloer. Deze kan vol verlijmd en ook zwevend geplaatst worden, en is dus ideaal voor de doe-het-zelver. De verschillende vormen geven ieder mozaïekparket een typisch decoratief uitzicht. Ook een diagonale plaatsing kan een variante zijn. De verschillende vormen zijn de bekende dambord, engelsvorm, evenwijdig of parallel, kleine dubbele visgraat, vlechtmotief, lamel op kant, castel, cabochon, kopshout, enz...
Deze massieve parketvloeren bestaan uit stroken zonder tand en groef, met een dikte van 6 tot 14 mm (in Belgik meestal 10mm.) Deze parketvloeren zijn niet zelfdragend. Ze worden dus (indien het element niet groter is dan 25x5) rechtstreeks verlijmd op de ondervloer, of bij grotere afmetingen worden deze lamellen gelijmd en genageld op een onderparket. Deze onderparket kan bestaan uit een mozaïekparket, OSB of WBP plaat, enz . Door de constructie van ondervloer en parket bekomt men een uiterst stabiel systeem welke de krimp van de lamellen beperkt, wat de egaalheid van deze vloeren ten goede komt. Deze traditionele parketvloer heeft mede door zijn aloude toepassing bewezen de beste en meest stabiele parketvloer te zijn op gebied van bredere delen. Gezien de uitgebreide mogelijkheid (tot verschillende motieven en boorden, houtsoorten, plaatsing op vele ondergronden, vele afwerkingmogelijkheden) kan dit type parket in alle woonkamers gebruikt worden (van klassiek, modern, rustiek tot retro, alles kan)
De parketvormen in dit type van parket zijn onbeperkt. Eigenlijk kunnen alle mogelijke uitzichten op het systeem traditionele parket gemaakt worden. Veelal wordt dit type van parket geassocieerd met de visgraat, dambord, Hongaarse punt, stijlpanelen (zoals versaille, malte, kruisversaille, empire, Loire, enz...) Maar dit parket kan ook het uitzicht hebben van een plankenvloer waarbij ook heel brede delen gebruikt worden van vb planken van 20cm breed op 3m lang. Het voordeel van deze lamparket is dat de werking van deze bredere delen minder is dan van een tand en groef parket zonder onderparket
Deze massieve parketvloeren zijn rondom voorzien van tand groef en bestaan in diktes vanaf 10 tot 40 mm, met variabele of vaste lengtes en breedtes. De meeste types worden best op de ondervloer gelijmd(al dan niet met een ondervloer). Afhankelijk van de dikte (minimum 20mm) kunnen deze ook op een roostering genageld worden). In mindere mate wordt deze vloer zwevend gelegd omwille van het nerveuze karakter van deze plaatsingsmethode
De meeste tand en groef parketdelen bestaan zowel in breedte als in lengte uit één deel. Een kleine hoeveelheid hiervan bestaat uit één of meerdere samenstellingen van massieve delen in de lengte of in de breedte (vb gevingerlaste of met dubbele zwaluwstaartverbinding), waardoor de stabiliteit van het element verbetert.
De meest bekende vormen zijn hiervan de plankenvloeren in alle diktes en afmetingen.
De minder bekende vormen in tand en groef parket zijn o.a. visgraat, dambord, Hongaarse punt en versailles. (deze vormen vindt men eerder terug in het traditionele parket of lamparket omwille van de kwaliteit)
Dit is massieve parketvloer samengesteld uit blokjes hout waarvan de vezelrichting niet horizontaal ligt maar verticaal. Hierdoor wordt het loopvlak gevormd door kopshout
De plaatsing gebeurt door verlijming van de geprefabriceerde panelen (samengevoegd door een net) met aangepaste lijm. De werking van kopshout is groter dan van normaal langshout waardoor enige voorzorgen nodig zijn. Deze wordt steeds terplaatse geschuurd en behandeld
Dit parket bezit een hoge slijtvastheid, waardoor deze uitermate geschikt is voor intensief belopen ruimtes.
Deze parketvloer is opgebouwd uit 2 of meerdere lagen hout op houtachtige materialen waarvan de slijtlaag (of toplaag) uit minimum 2.5mm edel hout bestaat.
Meestal is dit 4, 5, of 6mm edel hout, dus voldoende voor een levenslang parket
De stroken of panelen hebben steeds een tand en groef verbinding op de 4 zijden.
Deze kunnen in zowel onafgewerkte vorm (al dan niet voorgeschuurd) of afgewerkte vorm vanuit de fabriek verkregen worden.
De onderlaag kan opgebouwd zijn uit :Fineer "parket" (of houten vloerbedekking)
Deze vloerbedekking is op basis van hout waarvan de toplaag uit minder dan 2.5mm massief edel hout bestaat. De onderlaag kan opgebouwd zijn uit MDF, vezelplaat of multiplex, e.a.
De stroken zijn in de onderlaag voorzien van tand en groef en zijn meestal afgewerkt vanuit de fabriek met een vernislaag.
De toplaag kan uit een 1,2, of 3 strip bestaan afhankelijk van de fabrikant.
Het voordeel van deze fineerparket is de eenvoudige legmethode en het natuurlijk karakter t.o.v. laminaatparket. Ook de prijs is een meevaller t.o.v. een echt massief parket. Je kan deze vloer niet meer herschuren dus is de levensduur beperkt.
Deze vloeren zijn dus eerder geschikt voor licht huishoudelijk gebruik (zoals slaapkamers)
Een parketvloer in de vorm van stroken wordt best evenwijdig gelegd met de langste zijden. Ook kan men rekening houden met de lichtinval vanuit verschillende hoeken en de opbouw van de woning.
Aangezien hout meestal dwars op de nerfrichting het meest zal veranderen van afmeting worden grote overspanningen dwars op de nerfrichting het best vermeden.
Bij het plaatsen van een parket moet men er rekening mee houden dat deze rondom voldoende kan uitzetten. Deze uitzettingsvoeg is afhankelijk van het type geplaatst parket. In de praktijk is een gemiddelde van 2mm/strekkende meter parket met een minimum van 1cm voldoende voor de meeste parketvloeren. Deze uitzettingsvoegen worden opgevangen door een plint, kwartrondje of afdeklat.
Voordat men met de plaatsing start moet men enkele belangrijke punten in acht nemen:
Aangezien alle verschillende parkettypes op een verschillende manier geplaatst worden, zullen wij dit voor ieder type afzonderlijk bespreken.
Alle mozaïekparketvloeren worden steeds vol verlijmd op de ondergrond met de daartoe geschikte lijm. Met moet steeds de juiste hoeveelheid lijm aanbrengen, met de daarvoor ontworpen lijmspatel. De parketelementen worden zo dicht mogelijk aaneengesloten. (Goedkopere parketfabricatie kan voegvorming veroorzaken).
De meeste types mozaïek parket worden dan na droging van de lijm, geschuurd en afgewerkt.
Er bestaan ook al afgewerkte mozaïekvloeren welke na de plaatsing onmiddellijk klaar zijn voor gebruik. Aangezien dit type een lagere afwerkingsgraad heeft wordt deze veeleer gebruikt door de doe-het-zelver.
De verschillende plaatsingsmethodes zijn:
Het parket wordt vol verlijmd op de steenachtige ondervloer met de daartoe geschikte lijm. Bij bredere planken dient met de kwaliteit van de lijm te verhogen omdat deze onstabieler zijn en daardoor de trekkracht verhoogt.
Men kan ook de plank op een houten ondervloer leggen. Deze ondervloer zal de plankenvloer beter stabiliseren waardoor de werking van de plank vermindert.
De ondervloer kan uiteraard op verschillende manieren geplaatst worden, afhankelijk van de dikte en samenstelling van de ondervloer (zie ook ondervloeren).
Deze methode is niet de goedkoopste oplossing maar is zeker en vast de meest kwalitatieve manier om een parket met tand en groef te plaatsen.
Het is evident dat dit parket een bepaalde dikte moet hebben om niet door te buigen op de balken. De plank moet een minimum dikte van 20mm hebben.
De planken worden verdoken genageld in tand of groef tot in de onderliggende balk. (vernageling onder een hoek van 450C, met een zware nagel of kram)
Bij deze methode wordt de tand en groef in elkaar verlijmd en wordt de plank los gelegd op de ondervloer (ongeacht de samenstelling van deze ondervloer). Onder dit parket komt een "feuter" (feuter: vilt of Gekxpandeerd polystyreen ondertapijt) welke ook los gelegd wordt op de ondervloer. Deze dempt de eventuele contactgeluiden van de plank.
Gezien de aaneenschakeling van deze planken, en de onstabiele opstelling van deze massieve vloer, moet men rekening houden met een grote uitzetting en krimp, en eventueel schotelen van de planken. Indien met dit niet kan aanvaarden moet met een van de bovenvermelde methodes toepassen.
Een traditioneel parket wordt hoofdzakelijk vast verlijmd op de ondergrond met de daartoe geschikte lijm en eventueel genageld afhankelijk van de soort. Aangezien dergelijk parket maximaal 12mm dik is heeft deze niet voldoende sterkte om op balken gelegd te worden. Indien dit toch gewenst is kan met het onderparket dikker kiezen (vb: 18mm plaat, tand en groef) en daarop de parket bevestigen.
De ondergrond is van groot belang bij verlijmd parket en daarom moeten alle voorwaarden van een goede ondergrond voldaan zijn.
Indien de parketstroken maximaal 25x5 cm zijn (of 30x6cm in exotische houtsoorten) mogen deze rechtstreeks op een chape worden verlijmd. Indien de afmeting van de stroken groter is dan 25x5 dan dient er een onderparket voorzien te worden.
Het onderparket heeft als doel het parket te stabiliseren zodat de werking van parket verkleint. Hierdoor worden ook de krachten die het parket uitoefent op de chape verdeeld, waardoor het risico op loskomen nihil is.
Het zorgt er ook voor dat het parket kan genageld worden in een nagelbare ondergrond, waardoor een 100% verlijming kan gegarandeerd worden.
Een onderparket is een must voor de betere parketvloer
Een onderparket kan bestaan uit:
Het mozaïek onderparket (ook wel kortweg onderparket genaamd) wordt enkel rechtstreeks verlijmd met aangepaste lijm op de chape
Platen worden gebruikt om op een bestaande stenen vloer te lijmen en te nagelen (of vijzen).
Kiest men iets dikkere platen, dan kan men bepaalde oneffenheden overbruggen of indien ze meer dan 18mm dik is kan men ze ook op een bestaande balkenstructuur plaatsen. Op de balken worden deze dan gevezen of genageld.
Het parket wordt, zoals hierboven vermeld, verlijmd of verlijmd en genageld op de ondergrond, al dan niet met onderparket
Na het drogen wordt deze grof geschuurd, opgevoegd, fijn geschuurd, gepolierd en afgewerkt met een afwerkingproduct naar keuze.
In combinatie met onderparket kunnen heel wat houtsoorten ook op vloerverwarming gelegd worden. Hiervoor zijn aangepaste lijmen, primer en technieken voor nodig. Gelieve onze diensten hiervoor te contacteren.
Een kopshouten vloer wordt gelegd zoals een mozaokparket maar met die uitzondering dat er aangepaste lijm wordt gebruikt.
Ook voor het schuren van deze vloer is iets meer tijd nodig omwille van de harde eigenschappen.
Een lamelparket bestaat in enorm veel versies, afmetingen en systemen afhankelijk van de fabrikant. Daarom is het van belang de specifieke plaatsingsvoorschriften te gebruiken van de betreffende fabrikant. Deze zitten bij de betere merken steeds bij elke pak parket bijgeleverd. Indien de parket door W&A parket dient geplaatst te worden zullen wij u alle mogelijke plaatsingsmethodes aanbieden voor het betreffende product.
Aangezien het grootste deel van de lamelparket afgewerkt is vanuit de fabriek (pre-finished) wordt enige voorzichtigheid geboden bij de plaatsing van dergelijke vloer. Het grote voordeel van deze methode is dat er bijna geen stof wordt gemaakt tijdens de plaatsing omdat er niet meer moet geschuurd worden. Tweede voordeel is dat de plaatsing sneller en eenvoudiger wordt. Dit is de reden dat dit type parket op veel sympathie kan rekenen van de doe-het-zelver.
Een lamelparket kan vol verlijmd worden op gelijk welke ondergrond,volgens ondergronden van parket. Dit op voorwaarde dat de rug van het lamelparket vervaardigd is uit hout of houtachtig materiaal. De verlijming gebeurt met de aangepaste lijm, afhankelijk van het type parket
Het is evident dat dit parket een bepaalde dikte moet hebben om niet door te buigen op de balken. De panelen moeten een minimum dikte van 20mm hebben en door tand en groef met elkaar verbonden worden
De planken worden verdoken genageld in tand of groef onder een hoek van 450C met een zware nagel of kram, tot in de onderliggende balk.
Bij deze methode wordt de tand en groef in elkaar verlijmd en wordt de plank los gelegd op de ondervloer (ongeacht de samenstelling van deze ondervloer). Onder dit parket komt een feuter (feuter: vilt of geëxpandeerd polystyreen ondertapijt) welke ook los gelegd wordt op de ondervloer. Deze dempt de eventuele contactgeluiden van de plank.
Bij eventuele kans op opstijgend vocht kan met onder de feuter nog een extra vochtscherm aanbrengen.
Een lamelparket heeft door zijn samenstelling een enorm stabiele constructie waardoor deze zich perfect leent tot zwevende plaatsing.
De zwevende plaatsing wordt dan ook meestal als standaard door de fabrikant voorgesteld.
De kwaliteit van uw parketvloer wordt onder meer ook bepaald door de afwerking van uw parket. Daarom is het ook uitermate belangrijk een gepast afwerkingproduct te kiezen.
De keuze van dit product is zeker geen eenvoudige oplossing. Wij raden u daarom aan eens binnen te komen in onze toonzaal om de verschillende systemen verder te onderzoeken. Wij geven u alvast een klein overzicht.
De bestemming van de ruimte zal in grote mate het afwerkingproduct bepalen. Ook de manier van onderhoud, en uw levensstijl kan aan het een of ander product voorrang geven. Wordt het parket intensief gebruikt dan is het evident dat de bescherming beter moet zijn dan voor een zolderkamertje dat nooit belopen wordt.
De besproken producten kunnen reeds aangebracht zijn vanuit de fabriek (pre-finished) voor de leg-klaar parketvloeren of kunnen ter plaatse aangebracht worden. Het principe is hetzelfde voor de beide. Ook bij renovatie kan u uit deze methodes kiezen.
Alle besproken types zijn beschermingsproducten welke geen bepaald kleur hebben. Het hout zal de uiteindelijke kleur bepalen. De verschillende naturelle producten zullen wel onderling kleine tintverschillen hebben.
Wenst men een andere kleur (vb: witte plankenvloer of donkerbruine eik?) Dan kunnen onderstaande producten gecombineerd worden met kleurmiddelen om een bepaalde tint te bekomen. Ook kunnen er verschillende technieken toegepast worden om een bepaald effect te bekomen zoals verouderen, ruw maken, oneffen maken, gewilde beschadigingen aanbrengen. Noem maar op, alles is mogelijk. Alle kleurtechnieken zijn te bewonderen in onze toonzaal en worden hier niet verder besproken.
We onderscheiden de volgende beschermingssystemen
Het boenen van parket is een aloud gebruik dat nog op vele parketvloeren terug te vinden is. Boenwas is een liquide product dat zowel al grondlaag of als onderhoudsproduct kan gebruikt worden. Het systeem heeft als voordeel dat het een mooi natuurlijk uitzicht geeft aan het hout. Het nadeel is dat deze methode eerder vlekgevoelig is en dat het onderhoud redelijk intensief moet gebeuren.
Daarom wordt deze methode slechts occasioneel meer toegepast bij eventuele renovaties. Men heeft hiervoor een variante ontworpen welke de kwaliteit sterk heeft verbeterd, namelijk het impregneren en boenen.
Het impregneren en boenen van een parketvloer is de verbeterde versie van het aloude bekende "boenen" van parket. Laten wij het duidelijk stellen dat de beide niet met elkaar mogen vergeleken worden op gebied van kwaliteit en onderhoud!
Dit systeem is opgebouwd uit 2 of meerdere lagen:
De grondlaag bestaat uit een enorm uitgebreid gamma aan producten die allemaal een verschillende werking hebben. Algemeen kan men stellen dat de grondlaag het parket afsluit van vuil en vocht waardoor de bekende beschadigingen door vocht bij het oude geboende parket teniet worden gedaan!
Afhankelijk van de soort grondlaag kan met tot meer dan 72u water tegen houden, wat vroeger slechts enkele minuten was!
Als onderhoud dient men het parket te boenen, maar dan met veel minder boenwas dan vroeger waardoor het onderhoud ook veel eenvoudiger wordt, en de frequentie van boenen verminderd. Het reinigen doet men best met een flipper of stofzuiger.
Het voordeel van dit systeem is:
Het oliën van een parketvloer is in zekere zin een variante op het impregneren en boenen. Met als belangrijkste verschil dat de impregnatie op oliebasis is.(hetzij volledig natuurlijk of gemodificeerde oliën met een deel vluchtige stoffen) Afhankelijk van de fabrikant van de olie is de opbouw en het onderhoud verschillend. Er wordt aangeraden de voorschriften van de fabrikant te volgen.
Bij de meeste fabrikanten is de opbouw op de volgende manier
Het onderhoud kan ook op verschillende manieren gebeuren
Een belangrijk voordeel van dit systeem is de ecologische bewustmaking. Men kiest voor dit systeem omwille van zijn mat en natuurlijk uitzicht, en omwille van het milieuvriendelijk aspect.
De voordelen van dit systeem
De nadelen van dit systeem
het vernissen, plastificeren, vitrifiëren zijn in zekere zin allemaal hetzelfde. Het komt erop neer dat het oppervlak beschermd wordt door een laag vernis. In tegenstelling tot de andere systemen (impregneren of oliën) blijft er dus heel wat product boven op het hout en dringt dus minder in het hout. U loopt dus in feite op de vernislaag. Het zal dus belangrijk zijn om in functie van de te bekleden ruimte (slaapkamer of bureau) het aangepaste vernis te gebruiken. Het vernis moet dus voldoende sterk zijn zodat er niet te snel krassen, putjes, slijtage of andere beschadigingen in komen.
Hoe dan ook, deze laag zal op termijn (afhankelijk van de kwaliteit van het vernis) doffer worden, en in later stadium doorslijten, waardoor deze moet gerenoveerd worden.
De samenstelling van het vernis bepaalt de sterkte van het product. U kan bij ons steeds de technische fiches van de toegepaste producten bekomen. Belangrijk om weten is dat wij over voldoende kennis beschikken om u uit deze ingewikkelde materie het juiste product voor te stellen.
Vernis is in verschillende glansgraden verkrijgbaar van mat, satijn, blinkend of hoogglans. De tekening van het hout zal een beetje vervagen, en er minder natuurlijk uitzien, omdat dit systeem niet in het hout indringt.
Het onderhoud is dan wel eenvoudiger. U hoeft enkel met een polish-product in het water te dweilen en periodiek afhankelijk van het beloop de polish eens zuiver aanbrengen
Het voordeel van dit systeem is:
De nadelen van dit systeem is:
Het onderhoud van een parketvloer is afhankelijk van het toegepaste systeem zoals hierboven besproken. Omdat er zoveel verschillende toepassingen zijn worden onze klanten hierin begeleid zodat ze hun parketvloer zo lang mogelijk mooi kunnen houden.
Hiervoor worden met al onze klanten onderhoudsfiche mee gegeven van het betreffende parket. Bent u bestaande klant, dan kan u langs deze weg uw onderhoudsfiche aanvragen. Mail ons uw klantennummer door en wij zenden u zo snel mogelijk uw bijhorende onderhoudsfiche.
Uiteraard hebben wij daarbij alle onderhoudsproducten & reinigingstoestellen te uwer beschikking.
Copyright © 2009 W&A Parket. All rights reserved
ontwerp - kameleon / programmatie - informatica.be